De BMLIKO herbront tijdens deze crisis

We klopten aan bij Beweging Mensen met een Laag Inkomen & Kinderen Oostende (BMLIKO) en spraken met Gudrun Rosseel over herbronning en over hun aanpak de voorbij weken.

Deze crisis stelt ons in staat ons op bepaalde vlakken te herbronnen.

Welk effect voelen jullie bij de doelgroep met wie jullie werken?

De eerste weken waren veel mensen bij ons in paniek. Ze konden tijdelijk niet meer langs bij Dokters van de Wereld. Allerlei diensten waren van de ene op de andere dag niet meer bereikbaar. Mensen hadden heel veel concrete vragen over hoe ze nu aan eten moesten geraken, etc. Het heeft wat geduurd voor daar klaarheid in kwam, maar ik ben heel positief verrast door de goede samenwerking met vele andere diensten en zeker ook door de manier waarop de stadsdiensten ondersteuning geboden hebben in de afgelopen periode. Ondertussen zie ik dat veel mensen in armoede zich aan de huidige situatie aangepast hebben en dat zij hun weg gevonden hebben naar de voor hen broodnodige diensten. Maar het isolement is voor velen een zware dobber. Vooral voor mensen die kind aan huis zijn in Kwiedam of Antenne en daar nu al weken niet meer terecht kunnen voor een babbel bij een kop koffie. Voor de leden van de Beweging komt daarbij dat we op 20 juni ons jubileum zouden vieren, maar dat feest is uiteraard uitgesteld. Mensen keken daarnaar uit. Wij proberen een alternatief te voorzien, maar dat zijn we nog aan het uitzoeken.

Het isolement is voor velen een zware dobber.

Hoe hebben jullie de afgelopen weken jullie aanpak aangepast aan deze crisis?

Met de Beweging hebben we de traditie om 2 à 3 keer per maand met de groep samen te komen. Die bijeenkomsten zijn nu weggevallen. Zowat alle contacten verlopen nu al weken via mail, Messenger, Whatsapp of telefonisch. Een voor ons belangrijke wijziging is de manier waarop we sedert enkele weken onze interne overdracht aan het reorganiseren zijn. Wij werken met professionele en niet-professionele vrijwilligers samen en in het verleden merkten we dat bepaalde informatie niet altijd even goed gedeeld werd. Nu we overgeschakeld zijn naar een digitaal dagboek waar iedereen in kan noteren, merken we de meerwaarde daarvan heel duidelijk. We kunnen signalen van elkaar oppikken en we zijn ook in staat om korter op de bal te spelen. Het laat ook toe dat we de niet-professionele vrijwilligers beter kunnen ondersteunen. Op die manier stelt deze crisis ons in staat onze aanpak wat te herbronnen.

Welke lessen nemen jullie mee naar de toekomst?

Dat elektronisch dagboek zullen we blijven gebruiken. We waren al voor de crisis op zoek naar een betere manier van samenwerken met onze vrijwilligers, maar zoals gezegd heeft de acute situatie ons zo’n beetje gedwongen om daarin vlugger vooruit te gaan. We zijn ook op zoek om, zeker nu met de versoepeling van de maatregelen in zicht, onze samenkomsten anders te organiseren. Het zal nog wel een hele tijd duren vooraleer we opnieuw met meer dan twintig mensen kunnen samenkomen. Dus zijn Annemie Deranter en ikzelf momenteel aan het bekijken hoe we die grote groepen in kleinere kunnen opsplitsen die toelaten dat er voldoende veilige afstand kan gehouden worden. In hetzelfde verband willen we binnen die kleinere groepjes met behulp van enkele methodieken meer inzetten op het evenwaardig aan bod laten komen van alle deelnemers.

www.bmliko.com

Gepubliceerd op dinsdag 28 april 2020 12.27 u.