De verlaging van het begin van de leerplicht

Hoofdthemas

Vanaf 1 september 2020 wordt de leerplichtige leeftijd verlaagd tot 5 jaar.

Wat verandert er?

Vanaf 1 september 2020 is elk kind in België leerplichtig op de leeftijd van 5 jaar.  De leerplicht garandeert ook het leerrecht van 5-jarigen.

Alle kinderen die in hetzelfde kalenderjaar geboren zijn, worden op hetzelfde moment leerplichtig met name op 1 september van het kalenderjaar waarin zij 5 jaar worden.

Dus: een kind dat geboren is op 3 januari 2015 is leerplichtig op 1 september 2020.

Maar ook: een kind dat geboren is op 30 december 2015 is leerplichtig op 1 september 2020.

Vanaf 1 september 2020 zijn kinderen 13 schooljaren lang leerplichtig (van 5 jaar tot 18 jaar).

Een leerplicht van 290 halve dagen

Voor de 5-jarige kinderen is er leerplicht van 290 halve lesdagen. Een gemiddeld schooljaar telt tussen de 320 en 330 halve lesdagen.

Een 5-jarig kind is voltijds leerplichtig en moet dus elke dag naar school, behalve bij gewettigde afwezigheden.

Via het schoolreglement moet de school voortaan ook voor het kleuteronderwijs informatie geven over aanwezigheden, in het bijzonder voor de leerplichtige kleuters, en over te laat komen.

Het nieuwe jaar leerplichtonderwijs is kleuteronderwijs

Voor de nieuwe groep leerplichtigen, de 5-jarigen, begint de leerplicht in het kleuteronderwijs. Zo volgen alle kinderen voortaan minstens een jaar kleuteronderwijs en zijn ze goed voorbereid op het lager onderwijs.

Aandacht voor specifieke situaties van kinderen

Sommige 5-jarige kinderen kunnen geen 290 halve dagen aanwezig zijn omdat ze zich in een specifieke situatie bevinden:

  • ze zijn (langdurig) ziek;
  • ze hebben nog veel revalidatie nodig;
  • hun ouders behoren tot de trekkende bevolking en ze zijn te jong om op internaat te gaan;
  • ...

Ook kinderen in die specifieke situaties moeten zoveel mogelijk kunnen leren.

De directie kan beslissen welke afwezigheden van die kinderen aanvaardbaar zijn. Dat vergt een goede communicatie tussen de ouders en de school. De eindbeslissing ligt altijd bij de directie.

Bij aanvaardbare afwezigheden blijft het kind in orde met de leerplicht.

Voor de afwezigheden van de 5-jarigen in het kleuteronderwijs moet er niet gewerkt worden met afwezigheidsattesten. Ook het aantal afwezigheidscodes zal beperkt zijn.

Voor leerlingen die in het schooljaar 2020-2021 geen 290 halve dagen aanwezig waren als 5-jarige zullen de klassenraden kleuter- en lager onderwijs een beslissingsbevoegdheid hebben om het kind op 6 jaar te laten instappen in het gewoon lager onderwijs.

Ook het vereiste aantal halve dagen aanwezigheid voor een 5-jarige in functie van het groeipakket wordt opgetrokken naar 290 halve dagen.

Godsdienst of zedenleer op vraag van de ouders

Leerplichtige kinderen hebben recht op onderwijs in een erkende godsdienst of zedenleer op basis van de Grondwet. Dat recht geldt ook voor leerplichtige kleuters.

Maar in het kleuteronderwijs is er geen verplichting om godsdienst of zedenleer te volgen of om een vrijstelling aan te vragen.

In het officieel onderwijs kunnen ouders die dat willen, hun kleuter godsdienst of zedenleer laten meevolgen in een lagere school.

Het officieel kleuteronderwijs zelf moet dus geen levensbeschouwelijk onderricht aanbieden.

Door huisonderwijs aan de leerplicht voldoen

Net zoals andere leerplichtigen kunnen 5-jarigen voldoen aan de leerplicht op twee manieren:

  • door inschrijving en aanwezigheid in een erkende school;
  • door huisonderwijs.

Wie kiest voor huisonderwijs, moet dat melden aan de overheid. De onderwijsinspectie controleert of het kind daadwerkelijk leert.

Goed om weten!

Vanaf het schooljaar 2021-2022 zullen alle kleuters (behalve de anderstalige nieuwkomers) bij het begin van de leerplicht gescreend worden op hun kennis van het Nederlands met eenzelfde instrument. Voor kleuters die het Nederlands onvoldoende beheersen volgt er vanaf 2021-2022 een taalintegratietraject (in beginsel een taalbad of een volwaardig alternatief dat dezelfde resultaten bereikt).

Eveneens vanaf het schooljaar 2021-2022 zal de kennis van het Nederlands ook een grotere rol spelen bij de toelatingsvoorwaarden tot het gewoon lager onderwijs. Ook de klassenraden van het kleuter- en het lager onderwijs krijgen een grotere rol bij deze overgang.