Leegstand - verkrotting - ongeschikt- & onbewoonbaarverklaring

Hoofdthemas

Digitale aanvraag vrijstelling van gemeentelijke belasting:

Aanvraag voor vrijstelling van de gemeentelijke belasting

Digitale aanvraag tot schrapping van een geïnventariseerd goed:

aanvraag tot schrapping van een geïnventariseerd goed uit de inventaris ‘verwaarlozing’ of uit het Leegstandsregister

 

Vraag een vrijstelling aan via dit downloadformulier:

aanvraagformulier vrijstelling.pdf216,5 Kb(pdf)


Maak een afspraak voor een dossierbespreking:

 

afspraak met de dienst Wonen

 

GEWIJZIGDE BELASTINGVERORDENING op leegstaande, verwaarloosde, onafgewerkte of ongeschikt/onbewoonbaar verklaarde woningen en/of gebouwen

Op 14 december 2019 werd de stedelijke belastingsverordening op woningen en/of gebouwen die beschouwd worden als onbewoonbaar, ongeschikt, verwaarloosd, leegstaand of onafgewerkt gewijzigd. Deze verordening is van kracht vanaf 1 januari 2020.
Vrijstellingen die voor deze datum werden toegekend blijven van kracht volgens de oorspronkelijke belastingverordening.

Om de leefkwaliteit van haar inwoners te verbeteren wil Stadsbestuur Oostende elke eigenaar aansporen om verloedering van woningen en gebouwen aan te pakken.  Daarom stelde onze Stad de “Belastingverordening op woningen en/of gebouwen die beschouwd worden als onbewoonbaar, ongeschikt, verwaarloosd of leegstaand” op en controleert zij hiertoe permanent.  De tekst hiervan kunt u nalezen op de website van Oostende via “Wonen en Werken” of kunt u aanvragen bij dienst Wonen.

Onze belastingverordeningen kan je hier nalezen.

Verwaarlozing

verwaarloosd pand:

een pand met zichtbare en storende gebreken of tekenen van verval aan bijvoorbeeld buitenmuren, voegwerk, schoorstenen, dakbedekking, dakgebinte, buitenschrijnwerk, kroonlijst, dakgoten of glas. De verwaarlozing wordt vastgesteld in een verslag op basis van punten, waarbij ieder teken van verval een bepaald aantal punten oplevert.

Bij vaststelling van verwaarlozing is een jaarlijks verhoogde belasting verschuldigd. 

Concreet kan een eigenaar die verwaarlozing binnen het jaar na de eerste vaststelling ervan niet heeft aangepakt een belasting moeten betalen van minstens 6.000,00 euro.

De opname van een pand gebeurt aan de hand van een administratieve akte. Tegen deze akte kan bezwaar worden ingediend bij het College van Burgemeester en Schepenen. Als geen bezwaar wordt ingediend of als het bezwaar wordt verworpen, dan wordt het pand opgenomen in de inventaris ‘verwaarlozing’. De datum van opname is de datum van de administratieve akte.

 Als het pand wordt opgenomen in de inventaris ‘verwaarlozing’ dan kunnen, onder bepaalde voorwaarden, de belastingen tijdelijk worden vrijgesteld. Via de overheid kunnen, voor bepaalde renovatiewerken en onder bepaalde voorwaarden, premies verkregen worden.

Een pand kan uit de inventaris ‘verwaarlozing’ worden geschrapt zodra uit de controle blijkt dat de verwaarlozing is weggewerkt. De belastingplichtige vraagt zelf een onderzoek tot schrapping aan. Dit gebeurt door middel van een aangetekende brief of een brief tegen ontvangstbewijs gericht aan de dienst Wonen.

De schrapping gebeurt op de datum van de aanvraag tot schrapping op voorwaarde dat uit controle blijkt dat de gebreken voldoende zijn weggewerkt.
Tegen een weigering tot schrapping kan bezwaar worden ingediend bij het College van Burgemeester en Schepenen.

Als in de loop van de procedure het pand of een deel van het pand wordt verkocht, dan is het belangrijk dit zo snel mogelijk te melden zodat de verkoper niet langer wordt aangeschreven over de verwaarlozing. Zo kan ook de nieuwe eigenaar op de hoogte worden gebracht van de procedure.

Het is van groot belang dat de belastingplichtige elke wijziging in de toestand van de verwaarlozing onmiddellijk meldt aan de administratie zodat het dossier correct kan worden opgevolgd om te vermijden dat onnodig belastingen worden aangerekend.

Leegstand

Een gebouw wordt beschouwd als leegstaand als meer dan de helft van de totale vloeroppervlakte gedurende een termijn van minstens 12 opeenvolgende maanden niet overeenkomstig de functie van het gebouw wordt gebruikt. Hierbij houdt men geen rekening met woningen die deel uitmaken van het gebouw.

Een woning wordt beschouwd als leegstaand wanneer zij gedurende een termijn van minstens 12 opeenvolgende maanden:

  • niet wordt bewoond
  • niet wordt gebruikt in overeenstemming met elke andere door de Vlaamse Regering omschreven functie die een effectief en niet-occasioneel gebruik van de woning met zich meebrengt

Let op: tot nu toe heeft de Vlaamse Regering zich nog niet uitgesproken over de mogelijke functies die een effectief en niet-occasioneel gebruik van de woning met zich meebrengen. Voorlopig is de woonfunctie dus de enige basis om de leegstand van een woning te bepalen.

Bij vaststelling van leegstand is een jaarlijks verhoogde belasting verschuldigd. 

Concreet kan een eigenaar, die leegstand binnen het jaar na de eerste vaststelling ervan niet heeft aangepakt, een belasting moeten betalen van minstens 6.000,00 euro.

De opname van een woning of gebouw gebeurt aan de hand van een administratieve akte. Tegen deze akte kan bezwaar worden ingediend bij het College van Burgemeester en Schepenen. Als geen bezwaar wordt ingediend of als het bezwaar wordt verworpen, dan wordt de woning/het gebouw opgenomen in het Leegstandsregister. De datum van opname is de datum van de administratieve akte.

Als de woning of het gebouw wordt opgenomen in het Leegstandsregister dan kunnen, onder bepaalde voorwaarden, de belastingen tijdelijk worden vrijgesteld. Via de overheid kunnen, voor bepaalde renovatiewerken en onder bepaalde voorwaarden, premies verkregen worden.

Een gebouw kan uit het Leegstandsregister worden geschrapt zodra meer dan 50% van de totale vloeroppervlakte effectief in gebruik is volgens de bestemming van het gebouw en dit gedurende een periode van minstens zes opeenvolgende maanden.

Een woning kan uit het Leegstandsregister worden geschrapt zodra de woning minstens zes opeenvolgende maanden effectief bewoond wordt, hetzij als hoofdverblijfplaats, hetzij als tweede verblijfplaats (met aangifte bij de dienst Belastingen).

Zodra de woning of het gebouw effectief terug in gebruik is, kan de belastingplichtige de schrapping ervan uit het Leegstandsregister aanvragen. Dit gebeurt door middel van een aangetekende brief of een brief tegen ontvangstbewijs gericht aan de dienst Wonen.

Eventuele bewijsstukken – zoals bijvoorbeeld een geregistreerde huurovereenkomst – worden bij deze brief gevoegd. Gedurende een periode van zes maanden wordt gecontroleerd of de woning/het gebouw in gebruik is en blijft. Hiertoe worden controles uitgevoerd en kunnen eventueel bijkomende bewijsstukken – zoals bijvoorbeeld de verbruiksgegevens van gas, elektriciteit, water – worden opgevraagd.

De schrapping van een woning of een gebouw gebeurt op de datum van de aanvraag tot schrapping als een effectief en ononderbroken gebruik van minstens zes maanden kan worden vastgesteld.

Tegen een weigering tot schrapping kan bezwaar worden ingediend bij het College van Burgemeester en Schepenen.

Als in de loop van de procedure de woning of het gebouw wordt verkocht, dan is het belangrijk dit zo snel mogelijk te melden zodat de verkoper niet langer wordt aangeschreven over de leegstand. Zo kan ook de nieuwe eigenaar op de hoogte worden gebracht van de procedure.

Het is van groot belang dat de belastingplichtige elke wijziging in de toestand van de leegstand onmiddellijk meldt aan de administratie zodat het dossier correct kan worden opgevolgd om te vermijden dat onnodig belastingen worden aangerekend.

Vond je op deze pagina de info niet die je zocht? Dan kan je een afspraak maken voor een informatievraag:

afspraak met de dienst Wonen