Opmaak Drugbeleid scholen

Hoofdthemas

Als school is het belangrijk om te bepalen hoe omgegaan wordt met alcohol, illegale drugs, genotsmiddelen, psychoactieve medicatie, gokken en problematisch gamen. De stad Oostende wil scholen dan ook zoveel mogelijk stimuleren om een drugbeleid op te maken, of –als er al een beleid bestaat- dit op te volgen en te evalueren.
Voor de opmaak of evaluatie van een drugbeleid kan er kosteloos beroep gedaan worden op ondersteuning door een preventiewerker van CGG Noord-West-Vlaanderen. Informatie hierrond kan verkregen worden via de coördinator Drugbeleid Lotte Meersman via lotte.meersman@oostende.be of op het nummer: 059 25 86 06. Hierna wordt een onderscheid gemaakt tussen een drugbeleid op school naar de leerlingen toe en een drugbeleid naar  het schoolpersoneel.

Drugbeleid naar leerlingen

Een Drugbeleid op School (DoS) is opgebouwd rond vier pijlers: structurele maatregelen, educatie, begeleiding en regelgeving. Deze pijlers zijn gelijkwaardig en complementair. Met een drugbeleid speelt een school in op alle aspecten van middelengebruik, werkt ze beleidsmatig uit en anticipeert op een effectieve manier op middelenproblemen en de gevolgen ervan.

Een DoS zorgt dat een school in middelengerelateerde situaties snel gedragen beslissingen kan nemen. Bovendien sluit een alcohol- en drugbeleid aan bij de VOET. Dit niet enkel met de pijler educatie, maar ook door te werken aan een volledig beleid. Ten slotte creëert een drugbeleid op school ook deskundigheidsbevordering van leerkrachten in het omgaan met middelengebruik.
Zowel voor de opmaak van een nieuw drugbeleid als voor de evaluatie, aanpassing of herziening van een bestaand drugbeleid, kan beroep gedaan worden op ondersteuning door het CGG. Ook op de website van VAD kan heel wat ondersteunende informatie gevonden worden om zelf aan de slag te gaan.

Drugbeleid naar schoolpersoneel

Op 1 april 2009 sloten de sociale partners in de Nationale Arbeidsraad een collectieve arbeidsovereenkomst (CAO 100) omtrent het invoeren van een alcohol- en drugbeleid in de (private) onderneming. Bedrijven werden verplicht om een beleids- of intentieverklaring uit te werken, die de krijtlijnen bevat van het alcohol- en drugbeleid in de onderneming. Deze verklaring moest ten laatste op 1 april 2010 opgenomen zijn in het arbeidsreglement. Alhoewel deze intersectorale CAO niet bindend is voor de vzw’s-schoolbesturen van het gesubsidieerd vrij onderwijs en het gemeentelijk onderwijs, doen de scholen er goed aan ook een alcohol- en drugbeleid voor hun personeelsleden te ontwikkelen.

Meer informatie omtrent de CAO 100 vindt u op www.qado.be.