Woninghuurwet

Hoofdthemas

Is de woninghuurwet van toepassing op uw huurovereenkomst?

Het gemeen huurrecht (art. 1708 tot 1762bis van het Burgerlijk Wetboek) is van toepassing op alle huurovereenkomsten van onroerende goederen.  Veel van deze bepalingen zijn van aanvullend recht en dat wil zeggen dat er contractueel van kan worden afgeweken.

De woninghuurwet (Wet van 20 februari 1991, gewijzigd op 13 april 1997) is van toepassing op huurovereenkomsten van woningen die de huurder als zijn hoofdverblijfplaats gebruikt, en dit met toestemming van de verhuurder.  De woninghuurwet is automatisch en volledig van toepassing op mondelinge en ondertekende contracten gesloten na 27 februari 1991.
Indien de overeenkomst voor 28 februari 1991 werd afgesloten moet men een onderscheid maken tussen: 

  • geschreven contracten van bepaalde duur:  de woninghuurwet is slechts van toepassing met ingang van de vernieuwing of verlenging van de huurovereenkomst na de inwerkingtreding van de wet.
  • Geschreven contracten van onbepaalde duur en mondelinge overeenkomsten:  de woninghuurwet is automatisch en onmiddellijk van toepassing.

Het betalen van een huurprijs is een essentiĆ«le voorwaarde voor het bestaan van de huurovereenkomst.  Als er geen huurprijs betaald wordt en de woning gratis ter beschikking wordt gesteld, gaat het niet om een huurovereenkomst en is de huurder niet beschermd door de huurwetgeving.